Het belang van probleemoplossend vermogen bij honden

In het geval van mensen wordt dit omschreven als de vaardigheid om problemen te signaleren en zelf een oplossing voor het probleem te kunnen bedenken. Eigenschappen die hierbij belangrijk zijn: analytisch vermogen, creativiteit, doorzettingsvermogen, proactief zijn en samenwerken.

Ook bij honden blijkt probleemoplossend vermogen een belangrijke rol te spelen in de manier waarop zij op situaties reageren en hoe ze met bepaalde prikkels omgaan. Zo blijkt bijvoorbeeld dat er een relatie is tussen weinig probleemoplossend vermogen en bepaalde gedragsproblemen.

Optimisten en pessimisten

Honden die angstproblemen hebben, zoals scheidingsangst en fobieën, blijken namelijk ander gedrag te laten zien bij het oplossen van een probleem dan niet-angstige honden. Dit blijkt uit een onderzoek uit 2013 van Passalacqua et al., waarin angstige en niet-angstige honden aan een aantal testen werden blootgesteld, waarbij in beide groepen overigens precies dezelfde rassen vertegenwoordigd waren.

Bij de eerste test werd er een plastic bakje met gaatjes erin over voer geplaatst dat de honden gemakkelijk opzij konden schuiven of omver konden gooien. Opvallend was dat dit slechts 26% van de angstige honden lukte bij de eerste poging, en bij maar liefst 63% van de niet-angstige honden.

Bij de tweede test werd het bakje vastgeschroefd, zodat de puzzel onmogelijk werd en het voer niet bemachtigd kon worden, wat de honden ook probeerden. Hierbij waren ook interessante verschillen te zien tussen beide groepen: de angstige honden gaven veel sneller op en gingen ver (> 2 meter) van het object weg staan, terwijl de niet-angstige honden gefrustreerd raakten en de aanwezige mensen probeerden te bewegen om hen te helpen. De angstige honden bleven bovendien in beide testen eerst veel langer staren naar de puzzel dan de niet-angstige honden.

De onderzoekers concluderen dan ook dat angstige honden minder proactief zijn en meer moeite hebben met het bedenken van oplossingen bij problemen. Ze worden eerder passief en kiezen dan voor het vermijden van moeilijke situaties.

Ook duidt het staren naar een nieuw object voordat het benaderd wordt erop dat deze honden een nieuwe situatie eerder als iets potentieels negatiefs of bedreigends ervaren dan de niet-angstige honden. De angstige honden toonden dus veelal een meer pessimistische houding (‘het glas is halfleeg’) dan de niet-angstige honden.

“S. is een al wat oudere hond die niet zo van gekke ondergronden houdt.
Na een aantal lessen detectie, waarvan S. heel erg blij wordt, durft hij echter
overal op te klimmen om de geur te vinden.”

Trainen van probleemoplossend vermogen

Uit een aantal andere onderzoeken blijkt echter dat ook deze honden kunnen leren om beter te worden in het oplossen van problemen én om meer optimistisch te worden.

Zilocchi et al. (2016) hebben honden die angstig waren voor onbekende mensen aan verschillende testen met vreemden blootgesteld. Een deel van de honden kreeg vervolgens gedurende 60 dagen één keer per week een puzzel voorgeschoteld die steeds iets moeilijker werd. Denk hierbij aan een opgerolde handdoek met voertjes, een handdoek met voertjes waar een rekje overheen is gezet etc.

Na 60 dagen werden alle honden opnieuw getest en bleken de honden die de puzzels hadden gedaan veel minder angstig te reageren dan de controlegroep, waarbij geen verschil met de eerste test te zien was.

“H. is een hond die erg bang is voor geluiden. Bij de minste of geringste
knal of piep schiet hij in de stress. Na een jaar detectietraining is hij er
echter veel sneller uit te halen en gaat hij door met zoeken,
terwijl hij voorheen bevroor.”

Begin 2019 verscheen er een onderzoek van Alexandra Horowitz en Charlotte Duranton waaruit eenzelfde beeld naar voren komt. Hierbij werden honden specifiek getest op hoe optimistisch of pessimistisch ze waren.

Om dit te testen werd het volgende gedaan: de honden werd eerst geleerd dat wanneer er een voerbak aan de rechterkant werd gezet, hier altijd voer in zat en dat als er een bak aan de linkerkant werd neergezet hier geen voer in zat. Na een aantal herhalingen wisten alle honden dit en benaderden ze de bak als deze aan de linkerkant stond niet meer. Op dat moment vond de daadwerkelijke test plaats: wat doen honden als de bak (die in dit geval leeg was) opeens in het midden wordt neergezet? Denken ze dan dat er wel of geen voer in zit? De honden die dachten van wel werden optimistisch genoemd, de honden die dachten van niet, pessimistisch.

Vervolgens ondergingen de honden twee weken lang een verschillend trainingsregime. Eén groep honden kreeg een variatie aan volgoefeningen aangeboden. De andere groep kreeg neuswerkoefeningen in de vorm van het vinden van voer in boxen die later ook in een ruimte werden verspreid.

Na deze twee weken werden de honden opnieuw getest. De uitkomst was opvallend: de honden die neuswerkoefeningen hadden gedaan gingen sneller naar de bak als deze in het midden stond dan bij de eerste test twee weken eerder en waren dus optimistischer geworden, terwijl dat bij de groep die de volgoefeningen hadden gedaan niet zo was. De conclusie van de onderzoekers was dan ook dat neuswerk honden optimistischer maakt én dat honden door neuswerk meer autonoom en betere probleemoplossers worden.

“D. is een buitenlandse hond die veel situaties spannend vindt
en dan bevriest. Met behulp van detectie heeft hij echter geleerd om
meer vertrouwen in zijn omgeving te hebben en meer zelfstandig op
onderzoek uit te gaan.”

Conclusie

Onderzoek laat dus zien dat een goed probleemoplossend vermogen kan helpen om gedragsproblemen te verminderen. Neuswerk blijkt hiervoor tevens een hele geschikte activiteit en kan honden een positievere instelling geven waardoor zij de wereld als minder bedreigend ervaren. Dit biedt interessante mogelijkheden voor de behandeling van honden met angstproblemen.

Bronnen

  • Duranton, C. & Horowitz, A. “Let me sniff! Nosework induces positive judgment bias in pet dogs”, Applied animal behaviour science 211 (2019) pp. 61-66
  • Passalacqua, A. et al. “Different problem-solving strategies in dogs diagnosed with anxiety-related disorders and control dogs in an unsolvable task paradigm”, Applied animal behaviour science (2013)
  • Zilocchi, M. et al. “Problem solving games as a tool to reduce fear of strangers in dogs”, Dog behavior 1 (2016)